Leuk hoor, zo’n druk bestaan. Een fantastische baan, druk sociaal leven, mijn grote liefde, sporten op aardig niveau… Gevolg: een huishouden van Jan Steen. En wat specifieker: ik leef uit mijn wasmand.
Doordat ik zo vaak van huis ben en drie keer per week sport, puilt mijn vuile-was-wasmand regelmatig uit. Geen tijd om te wassen, dus strings en sokken raken op, die ene outfit die ik zo graag aan wil is nog vuil, ik heb geen schone handdoeken meer, mijn sportbeha’s zijn op…
Ik doe de was op kleine spaarzame momentjes tussendoor. Vlak voor een training, waardoor ik daarna ‘s avonds laat nog was sta op te hangen. Of net voor ik ga slapen, waardoor ik ‘s ochtends heel erg moet haasten. Of tijdens een gezellig avondje met een vriendin, waardoor we elkaar op een gegeven moment haast niet meer kunnen verstaan door de herrie die mijn wasmachine maakt tijdens het centrifugeren.
Mijn huis is klein, dus de was hangt vervolgens op de gekste plekken te drogen. Aan het wasrekje in de keuken (!), maar ook over de stoelen bij mijn eettafel, over de leuning van de bank, met hangers aan de deuren van mijn kast.
Vervolgens belandt het in mijn schone-was-wasmand, waarna ik het zou moeten opvouwen en weer in mijn kast zou moeten opbergen, om de cirkel weer rond te maken. Aan de woorden ‘zou moeten’ kun je echter vast al opmerken dat die stap door mij regelmatig wordt overgeslagen. Die schone-was-wasmand puilt inmiddels nog meer uit dan de vuile-was-wasmand. Mijn schone was haalt de kast niet eens.
Ik leef dus uit mijn wasmand. Elke ochtend sta ik verwoed in die ongeordende berg te graaien, op zoek naar dat ene hemdje, die fijne legging en dat mooie jurkje. Die eigenlijk te gekreukt zijn om te mogen dragen, omdat ik ze een tijdje geleden te nonchalant in die mand heb gesmeten. Waardoor ik me, ook elke dag, voorneem om die was nou echt eens goed bij te houden.
Ik geef het maar weer eens toe: mijn huishouden is mijn grote zwakke punt. Zal ik het ooit leren? Ik vrees toch van niet… (Sorry mam, het ligt niet aan jou.)

