
Naast dat mijn nieuwe baan gewoon absoluut helemaal te gek goed bij mij gaat passen, brengt het nóg een groot voordeel met zich mee. Ik mag de helft van mijn garderobe weer aan!
Bij Randstad ga ik een paar keer per week op bezoek bij klanten en ook komen er dagelijks (potentiele) uitzendkrachten over de vloer. Representativiteit staat dus voorop en een spijkerbroek met gympies is daardoor uit den boze. Aangezien ik (voordat ik het werkende leven instapte) lééfde in die spijkerbroek met gympies, was dat voor mij wel even omschakelen. Er moesten nieuwe kleren worden aangeschaft, maar tegelijkertijd wilde ik ook wel mezelf blijven. Een mantelpak is er bij mij dus nooit ingekomen. Gelukkig hoefde het ook zover niet te gaan; als het er maar netjes uitziet, is het oké.
Vanaf 1 februari maakt het niet meer zo veel uit hoe ik eruit zie. Natuurlijk niet als een slons, maar de spijkerbroek mag weer uit de kast en ook mijn hoge Quick-laarzen (soort gymp in laarsvorm) mag ik weer aan. Ik kan T-shirts dragen met coole prints en ook grote kettingen mogen weer om. En als ik eens een baaldag heb (zeg nou zelf, die heeft iedereen weleens), trek ik gewoon een sweater aan met een capuchon over mijn hoofd. Niemand die daar last van heeft. Maar ik vind het vooral leuk dat ik weer echt kan kópen wat ik leuk vind. Dat ik niet bij elk kledingstuk hoef na te denken of ik het wel naar mijn werk aan mag. Vrijheid blijheid! Dat ik in hartje Amsterdam kom te zitten, zal dus niet alleen veel werkplezier opleveren, maar ook een lege portemonnee en dito bankrekening.
NB. Zou ik dan ook eindelijk een excuus hebben om die oerlelijke maar o-zo-warme UGG’s aan te schaffen? Waar ik al jaren aan loop te denken, maar waarvoor ik het zonde vond om zo veel geld neer te tellen (ja, dat ben ik dan ook wel weer… ik wil dan wel de échte) als ik ze alleen in de winter en alleen in de weekenden aan zou kunnen? Die zo groot en lomp zijn, maar er zo heerlijk comfortabel uitzien? Die misschien nog niet zo héél lelijk zijn onder een stoer rokje met een maillot?
Kleren maken de vrouw. Mijn kleren maken Marieke.