Brouwertjes Baby: Zwangerschap & emetofobie

Ik ben er natuurlijk al een tijdje openhartig over aan het bloggen, dus jullie weten vast dat ik in therapie ben voor mijn overgeefangst, oftewel: emetofobie. Nu heb ik hier al zolang ik me kan herinneren last van, maar feit is dat het erger is geworden sinds ik gestopt ben met de pil. Onbewust is er, denk ik, toch een klein stemmetje dat fluistert: ‘Misschien ben je wel zwanger! En misschien moet je dan wel overgeven! En misschien wel negen maanden lang!’ Toen ik in steeds meer angstige situaties verzeild raakte, besloot ik dat het zo niet langer kon en trok ik aan de bel.

Zwanger willen worden en emetofobie hebben is een hele lastige combinatie. Constant switcht mijn hoofd van babymodus naar overgeefmodus. Natuurlijk wil ik een kindje. Maar overgeven? Oh my God, alsjeblieft niet!

Om eerlijk te zijn geeft elke menstruatie mij een heel dubbel gevoel. Dat durfde ik eigenlijk pas toe te geven toen mijn psychologe het voor mij uitsprak en ik het héél erg herkende. Ik schaamde me voor de gedachten die ik heb, maar er viel een last van mijn schouders toen zij me vertelde dat die helemaal niet raar zijn. Juist heel herkenbaar voor mensen met zo’n angst als ik heb!

Mijn primaire reactie als ik weer eens ongesteld word is: Shit met een hoofdletter S. Weer een poging mislukt, wéér een maand wachten. Ik wil zo graag moeder worden! Maar er is ook dat stemmetje, dat ik hierboven al beschreef, dat zegt: ach, nu hoef je in ieder geval niet over te geven! Dat kleine beetje opluchting maakt dat ik me nu al een slechte moeder voel. Of in ieder geval een slechte vrouw voor Johan. Wie is er nu opgelucht dat ze niet zwanger is? Al is het maar een ieniemienie beetje? En door dat schuldgevoel word ik weer boos op mezelf. Waarom maak ik het mezelf zo moeilijk? Ik werk er nu toch aan?

Kortom: het is een spannende, emotionele reis tot nu toe. Gelukkig steunt Johan me waar ie kan en vindt hij niets raar, overdreven of aanstellerig. De therapiesessies zijn zwaar, ik zou ze het liefst afzeggen of ervan wegrennen, maar ik weet waar ik het voor doe. Ik doe mijn best, en dat is genoeg. Daar mag ik juist hartstikke trots op zijn.